De Faculteit der Maatschappijwetenschappen heeft onlangs haar 50-jarig jubileum gevierd met een conferentie waarin de toekomst van onderwijs en onderzoek werd besproken. Decaan Reita Joemratie benadrukte het belang van kwalitatief hoogwaardig onderwijs, relevant wetenschappelijk onderzoek en maatschappelijke dienstverlening voor de ontwikkeling van zowel de mens als de maatschappij. Joemratie gaf aan dat de faculteit in de komende vijftig jaar een nog sterkere positie wil innemen als kennisinstituut voor Suriname.
Volgens Joemratie is goed onderwijs meer dan alleen het overdragen van kennis. Studenten moeten leren om kritische vragen te stellen, kritisch te denken en verschillende perspectieven te onderzoeken. Dit vereist een sterke verbinding tussen onderwijs en onderzoek. “Een student moet niet alleen leren wat anderen hebben onderzocht, maar ook leren hoe je zelf wetenschappelijk onderzoek verricht en hoe je onderzoeksresultaten kunt vertalen naar maatschappelijke oplossingen,” voegde ze toe.
Joemratie merkte op dat de faculteit al belangrijke stappen heeft gezet in de professionalisering van docenten. “De kwaliteit van het onderwijs wordt in belangrijke mate bepaald door de kwaliteit en professionaliteit van degenen die het onderwijs verzorgen,” zei ze. De opleidingen zijn geaccrediteerd op basis van de richtlijnen van het Nationaal Orgaan voor Accreditatie (Nova). Dit proces biedt de faculteit de mogelijkheid om opleidingen voortdurend te evalueren en de kwaliteit van het onderwijs duurzaam te verbeteren.
In 2018 begon de faculteit met het structureel voorbereiden en laten beoordelen van opleidingen door Nova, wat de overgang markeerde naar een meer structurele externe borging van de onderwijskwaliteit. Sindsdien heeft de faculteit voor meerdere opleidingen accreditatie verkregen. Het huidige accreditatieoverzicht toont aan dat het merendeel van de opleidingen beschikt over een geldige accreditatie, terwijl voor enkele opleidingen de accreditatietermijn inmiddels is verstreken.
Professor Ine Apapoe sprak tijdens de conferentie over beleidsplannen en documenten van de afgelopen vijftig jaar. Ze concludeerde dat steeds dezelfde maatschappelijke kwesties worden aangekaart, maar dat er vaak geen oplossingen worden gevonden. Apapoe wees op de uitdagingen bij de totstandkoming van beleid en de betrokkenheid van actoren die het beleid moeten uitvoeren. Ze merkte op dat vaak wordt gesneden in de begroting van ministeries, waardoor zij niet in staat zijn om voorgenomen beleidsmaatregelen door te voeren.
Apapoe benadrukte dat corruptiebestrijding geen nieuw onderwerp is en dat er vaak een gebrek aan politieke wil is om dit aan te pakken. Ze merkte op dat corruptie diepgeworteld is in de Surinaamse samenleving, wat het moeilijk maakt voor burgers om de regering kritisch te volgen en te beoordelen. “Zolang wij als samenleving niet doorhebben dat de gevolgen van corruptie tot in onze woonkamers doordringen, zal het moeilijk zijn om draagvlak te krijgen om dit op te lossen,” aldus Apapoe.
Apapoe, die per 1 september benoemd wordt op de Prins Claus Leerstoel in Gelijkheid en Ontwikkeling aan de Universiteit Utrecht, pleitte voor integriteitsbevordering en goed bestuur als integraal onderdeel van het regeringsbeleid. Ze richt zich in haar onderzoek op inclusief bestuur en tribale samenlevingen, met bijzondere aandacht voor de Surinaamse marrons.
Ze benadrukte het belang van onderzoek naar marrons en inclusief bestuur, en hoe kwetsbare groepen in de samenleving hun stem kunnen laten horen. Apapoe merkte op dat marronstudies vaak zijn gedomineerd door wetenschappers van buiten Suriname, en dat het belangrijk is dat Surinamers zelf ook onderzoek doen.
Wetenschapper Karel Eckhorst waarschuwde voor de risico’s van de olie- en gasindustrie en de gevolgen voor de economie na 2028. Hij stelde dat het belangrijk is om na te denken over wat er zal gebeuren als de oliebronnen leeg raken en hoe de samenleving zich daarop kan voorbereiden.
Source: dwtonline.com

